Nieuwsbrief 21 maart 2019

02-10-2019

Op basis van twee rapporten heeft minister Ollongren besloten dat de subsidiëring van lokale politieke partijen pas geregeld worden bij de ontwikkeling van de WPP. We kunnen dus nog heel lang fluiten naar de kansengelijkheid van artikel 4 Grondwet

Opgelet! Het kabinet gaat werken aan een wet op de politieke partijen

Er zijn twee zeer belangrijke rapporten verschenen die van grote invloed zijn op de positie van lokale partijen en hun raads- en commissieleden.
Dat zijn:

  1. ‘Eindrapport Lage drempels, hoge dijken’ van de commissie Remkes
  2. ‘Evaluatie- en Adviescommissie Wet financiering politieke partijen’ van de commissie Veling.
     

Op basis van beide rapporten heeft minister Ollongren op 25 januari 2019 in een brief aan de Tweede-Kamer de kabinetsvisie over de rol en positie van politieke partijen uiteengezet. Daarbij is besloten dat de subsidiëring van lokale politieke partijen en de regelgeving over de overige inkomsten van deze partijen pas geregeld worden bij de ontwikkeling van de WPP.

Dat betekent dat het kabinet nog heel wat jaren de kansengelijkheid van artikel 4 Grondwet aan hun laars lapt. 

Het bestuur van de VPPG vindt dat deze schandvlek in onze democratische rechtstaat niet nog langer onze gemeenteraadsverkiezingen mogen beïnvloeden.

Wat is uw mening? 
Laten lokale partijen zich zo gemakkelijk als lammetjes slachten?

Het kabinet heeft ook, zoals wij in de vorige nieuwsbrief al hadden uitgelegd, jaarlijks € 200.000 over om via het ‘Contactpunt Lokale Politieke Partijen’, geleid door mevrouw Graumans van de PvdA, de lokale partijen naar hun centralistische inzichten te kneden.

De VPPG vecht al 30 jaar voor verbetering van de lokale democratie en subsidiering van de lokale partijen. Dat heeft inmiddels mede ertoe geleid dat de lokale groeperingen ± 33% van de raadszetels bezetten. En dat is tegen het zere been van de landelijke politieke partijen. Daarop zijn BZK en VNG in 2016 gestart met een actie om de VPPG als belangenbehartiger van de raadsleden van lokale partijen het werk onmogelijk te maken. Wij moesten ook daarvoor naar de rechter en bij rechterlijke uitspraak is nu vastgelegd dat de VPPG wel degelijk een beroepsvereniging is en niet een politieke partij of een aan een politieke partij gelieerde organisatie. Het kabinet legt zich daarbij echter niet neer en zet haar strijd tegen de lokale partijen door via een WPP.
We zijn er dus nog lang niet.
Veel werk aan de winkel voor de ± 33% van alle raadsleden en dus ook voor de VPPG.  

Om deze strijd voor de lokale groeperingen te kunnen blijven strijden, hebben wij wel jullie steun nodig!

De financiële gevolgen van de acties van BZK en VNG zijn fors voor de VPPG Dat komt omdat sinds 2016 veel leden zich hebben laten misleiden door griffiers. Griffiers die weigerden en weigeren  om de contributie aan de VPPG te laten betalen door de gemeente, zoals de regelingen voorschrijven. Wij verwijzen naar de brieven van de minister en het bestuur van de VNG.
Griffiers die ook, zonder de instemming van de raadsleden, hele gemeenteraden lid maakten van de door de landelijke partijen gedomineerde beroepsvereniging voor raadsleden. Dit ronselen is flagrant in strijd met het Rechtspositiebesluit voor raads- en commissieleden en met het feit dat ieder raadslid zelf bepaalt van welke beroepsvereniging het lid wordt. Omdat echter velen dat maar laten gebeuren, gebeurt dat.
Raadsleden vergeten vaak dat ze ook in deze kwesties een controlerende verantwoordelijkheid hebben en dat ze de griffier op de regels moeten wijzen.

Als u nog geen VPPG lid bent en u wil dat wij doorgaan met de strijd voor rechtvaardige en gelijke behandeling van de lokale partijen dan nodigen wij u dringend uit om snel lid te worden. Dan kan via deze link.

Degenen die al lid zijn maar de factuur nog niet hebben voldaan willen wij vriendelijk doch dringend vragen om de factuur aan de griffier aan te bieden. Mocht dat problemen opleveren dan horen wij dat graag zo snel mogelijk.

 

 

Geen enkele democratie kan lang bestaan als zij niet, als fundament voor haar bestaan, de erkenning van de rechten van minderheden accepteert.
(Franklin D. Roosevelt, Amerikaans staatsman en 26e president)