Minister Plasterk erkent dat de VPPG kan worden aangemerkt als beroepsvereniging!

Volgens het artikel 13, derde lid van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, vergoedt de gemeente de contributie van raadsleden die lid zijn van een beroepsvereniging. Het informatiecentrum van de VNG heeft daarop actie ondernomen richting griffies om de VPPG niet te erkennen als beroepsvereniging. In een later stadium verkondigde het informatiecentrum dat ook BZK die mening had. Op grond van deze informatie waren een aantal gemeenten niet bereid om de contributie aan de VPPG te betalen. Daarop heeft de VPPG de minister gevraagd naar zijn standpunt.

Zoals in de vorige nieuwsbrief is gemeld, heeft minister Plasterk gemeend de beroepsvereniging VPPG niet te erkennen omdat deze vakbond een bundeling van lokale politieke partijen zou zijn die in de gemeentelijke politiek een tegenwicht vormen tegen de landelijke politieke partijen en hun belangen. Met dat argument werd de VPPG zomaar tot een politieke landelijke partij gebombardeerd. Dat was voor de minister ook de reden om de VPPG niet uit te nodigen bij het overleg over de rechtspositie van raadsleden en commissieleden.

Tegen deze opvattingen heeft de VPPG bezwaar gemaakt. Op 26 augustus was de hoorzitting (verslag) en de beslissing op bezwaar volgde op 16 september (beslissing). De minister geeft in zijn beslissing aan dat de eerste brief slechts een persoonlijke mening was en niet een publiekrechtelijke bevoegdheid waartegen bezwaar kan worden gemaakt. Dit betekent, aldus de minister, dat de VNG en de gemeenten zich niet kunnen beroepen op zijn persoonlijke mening. De gemeente moet vaststellen of de gevraagde vergoeding van de contributie betrekking heeft op, zoals de toelichting op genoemd artikel stelt, “een landelijke beroepsvereniging met professionaliseringsoogmerk”. Zodra hiervan sprake is, is de gemeente verplicht de contributie te vergoeden.

Feit is dat veel gemeenten zonder problemen de contributie vergoeden. Zij erkennen de VPPG als beroepsvereniging. Dat kan ook niet anders omdat dat helder en duidelijk in onze statuten is vastgelegd. De werkzaamheden van de VPPG zijn volledig in lijn met de staturen.

Het uiteindelijke oordeel laat de minister nog steeds aan de gemeente. Aldus zijn brief.